dinsdag 9 januari 2018

Kerstvakantie: 8 dingen, 6 beelden

  • Ik kreeg van Michiel een fleecedeken met mouwen. Om in de zetel te kunnen schrijven. Aartslelijk. Fantastisch. Ik trok het meteen aan en kwam de volgende twee uren niet uit de zetel (sorry Juno, zoek zelf maar het hoedje voor de pop)
  • Ik ging met Oona naar het bejubelde 'Bonte Nacht' van Tuning People en De Maan. Dat was heerlijk. De voorstelling vond plaats in De Studio in de grote zaal, en daar zit je op zachte bankjes naast elkaar en niet op klapstoelen. Het is echt heerlijk om, met Oona dicht tegen me aan, te kijken naar een wereld die zich ontvouwt en dan haar hartje te voelen, haar ademhaling te volgen. Ik beleef de voorstelling dan mee via haar. Stop de tijd, oh alsjeblief, want dit maakt het moederschap nog beter dan alles wat ik me ooit al had kunnen voorstellen. 
  • We gingen een paar dagen naar Utrecht. Het Nijntje-museum was de max. Te druk, dat wel, maar Juno vond het allemaal fantastisch en Oona ook, al is ze eigenlijk echt te groot. 
  • We nodigden twee keer vrienden uit voor een brunch. Ik maakte sandwiches én scones én een zuurdesembrood. Het gaat trouwens heel goed met de zuurdesem, ik heb de basis echt onder de knie. Nu wissel ik al eens qua bloem (spelt, donkerder/lichter,...) maar aan het echte avontuur (bagels! rozijnenbrood!) waag ik me nog niet. Een huis dat om 9u 's ochtends ruikt naar allemaal versgebakken dingen, daar word ik absurd gelukkig van. Dan is het écht vakantie.
  • Ik kookte nog veel meer. Voor kerstavond een ietwat saaie Biet Wellington als alternatief voor een gevulde kalkoen. Voor kerstdag drie side-dishes voor bij de raclette. En voor oudjaar kon ik me weer laten gaan, met een klein buffetje, volledig plantaardig trouwens, voor 12 personen. Misschien nog eens apart over schrijven, want ik heb me er echt mee uitgeleefd.  
  • Ik had deze vakantie een hardnekkige verkoudheid. Koppijn, snot, beetje keelpijn en dan zat het op mijn longen. Een spurtje om de trein te halen en het werd zwart voor mijn ogen. Oudjaar vieren met een cocktail van dafalgan en rode wijn. En zo weinig energie.... pfft. Insert zelfmedelijden!
  • Ik ging naar Dans Dans op Wintervuur. Dat was verschrikkelijk want er was duizend man te veel. Dat was fantastisch want wat hou ik van die muziek. 
  • We zaten een tweede keer samen met een groepje voor een droom over co-wonen... Wordt vervolgd (of dat hoop ik toch). 













vrijdag 5 januari 2018

Mijn jaar in boeken

Wat een fantastisch leesjaar.
Kijk mee wat Goodreads (wat een uitvinding!) mij vertelt:


Dat is bijna het dubbele van vorig jaar. En ik denk ook een levensrecord.

Lezen doet zoveel voor mij.
Ik schreef al enthousiast over de toppers van het voorjaar, en ook het najaar bracht veel goeds.
Over het dikste boek waarin ik 41 uren las schreef ik al een apart blogpostje, en terecht. Wat een boek: Max, Mischa en het Tet-offensief. Niet twijfelen als je in de bib of de boekhandel staat.

En verder heb ik nog wat te zeggen over...


Stefan Hertmans - De bekeerlinge

Historische romans, dat is niet zo mijn genre. Maar ik ben blij dat ik me voor dit boek heb laten overtuigen. Wat dit boek voor mij bijzonder maakte, was de vertelstijl. Anders dan anders, en heel meeslepend.








 Aleksandr Skorobogatov - Cocaïne

Deze schrijver was mijn ontdekking van 2016. Maar dit boek weet ik me echt geen raad. Zeker niet na de epiloog die alles wat verduidelijkte maar me nog meer verwarde tegelijkertijd. Dus, wil er iemand dit boek lezen zodat we erover kunnen praten? Want ik weet niet goed of ik dat cocaïne-tripje geweldig of vreselijk vond.


Claudia De Breij - Neem een geit
Wie leest er eigenlijk graag zelfhulpboeken? Ik zeker niet, al is dat louter uit vooroordeel, want ik heb denk ik nog nooit een écht zelfhulpboek gelezen. Dit boekje komt anders aardig in de buurt. Cabaretière Claudia De Breij deelt hier levenswijsheden. Van zichzelf, maar vooral, van oude wijze mensen, voornamelijk bekende Nederlanders. Snel doorgelezen, maar op een of andere manier heb ik er veel aan gehad, want sommige zaken zijn echt blijven hangen. Zoals het verhaal waar het boekje zijn titel van heeft gekregen. Dus toch een topper qua non-fictie, want later op het jaar kon Bleri Lleshi mij niet helemaal overtuigen (met zijn boeken weliswaar, van zijn visie ben ik wel fan).



Tom Lanoye - Zuivering

Ja, ik ben fan. Ik was een enthousiaste lezer van Lanoye tot ik Sprakeloos las. Van toen af, ben ik een regelrechte fan. Ik had dit boek dus ook al in mijn bezit een week na verschijnen. Ik vind het bijzonder fijn dat dit boek zo mooi is uitgegeven. Het beeld van Koen Vanmechelen klopt echt per-fect met het boek, maar ook de kaft, het papier, de kleuren, de typografie, wat een vakmanschap.
Lanoye kan het zich ook hier weer permiteren: een bombastische taal met een enorm rijke woordenschat, zinnen om te degusteren. Bovenop een boeiend verhaal dat ook écht ergens heen gaat. Spijtig dat hij zich van een stom literair trukje bedient, dat mij wat is geen ergeren. Maar echte fans laten zich niet tegenhouden door zo'n detail.



Juli Zeh - Ons soort mensen

Ik weet niet op welke manier dit boek op mijn to-read lijstje is beland. Maar dat was een goede zaak, want dit dikke boek heeft me een paar weken in Unterleuten laten wonen. Een kleine dorpsgemeenschap, waar iedereen met iedereen wel 'een dingetje heeft'. En dan is er een plan om windmolens te bouwen. Dit boek heeft me echt een lesje geleerd in personage-opbouw. Wat kan die Juli Zeh goed mensen typeren en ze heel snel laten 'leven'. Ik heb echt gesmuld van dit boek, ik keek uit naar mijn treinritjes om te lezen zoals iemand anders uitkijkt naar zijn dagelijkse soap. En tussendoor staan er nog wat levenswijsheden te lezen. Straf.




Paolo Cognetti - De acht bergen

Ik wou 2017 afsluiten met echt een mooi boek en dit was perfect. Ik heb iets met bergen. Of nee, ik verlang vooral naar een uitzicht. En als er in dat uitzicht bergen staan, is het nog beter. In de bergen is er rust en zuivere lucht, twee dingen die ik soms erg mis. En dit boek vertelt een prachtig verhaal over vriendschap in een prachtig decor. Dit lijkt me echt een boek om te verfilmen. Die film hoef ik dan zeker niet te zien, want die zit al helemaal in mijn hoofd (en daar is Bruno een bijzonder knappe, ruige, stoere man trouwens, ik zou geen film willen waar dat personage wordt vertolkt door een gladde wonderboy uit Hollywood).


2018 ben ik gestart met Het Achtste Leven (voor Brilka), weer een dik boek, een familiegeschiedenis.  De eerste 239 pagina's zijn alvast veelbelovend, Meer van dat, kom maar af, gij 2018, vol boekentips!

dinsdag 2 januari 2018

Voornemens voor 2018

Voor 2013 (#1#2#3) en 2014 maakte ik voornemens. Dan had ik er genoeg van, ik moest helemaal niets meer van mezelf, de wereld moest al genoeg van mij en dat deed deugd.
Nu verlang ik er terug naar, naar uitdaging, naar een getekende horizon, naar een punt waar ik naartoe wil.


#1 Minder haast

Haast is het gevolg van te veel tegelijkertijd willen. Daar ben ik helaas heel goed in, in geen keuzes maken, en dan moet ik me dus haasten van het ene naar het andere.
Haasten helpt niet. Ik jakker mezelf én mijn meisjes behoorlijk wat af, een punt waar ik faal in het ouderschap. Het is niet dat zij ellendig traag hun schoenen aandoen, het is dat ik hen te weinig tijd geef. Ik probeer me af te vragen waarom ik me haast, het lijkt soms wel een gewoonte, mijn manier van leven. Bovendien helpt haasten meestal niet. En gelukkig maakt het al helemaal niet.


#2 Meer op tijd zijn

Dat is moeilijk in combinatie met het vorige voornemen. Ik ben niet zo'n vreselijke laatkomer die mijn gezin, vrienden, collega's uren en uren laat wachten. Maar ik ben wél vaak te laat, vijf minuten, tien minuten, ... Omdat ik te laat vertrek. Omdat ik nooit wat reserve tijd inrekenen voor onverwachte dingen... en geloof me, met twee jonge kinderen gebeurt er altijd iets onverwacht. Maar op het werk zijn er geen plotse kakpampers of drama's omdat ze haar regenlaarzen aan wil en niets anders. Dan ben ik het gewoon. Die nog even dit of even dat. Die pas in beweging komt als die andere collega uiteindelijk ook aanstalten maakt. Terwijl er al een derde collega netjes zit te wachten in een vergaderzaal. Zo werk ik elke week minstens een keer bij de collega's van Onderwijs. Dat is in een groot overheidsgebouw met een balie en omslachtige registratie. Elke keer wandel ik binnen op het afgesproken uur en ben dus na die registratieprocedure te laat waar ik moet zijn. Het is laf om te zeggen dat ik me daarmee verzet tegen onnodige bureaucratie. Ik moet gewoon vroeger vertrekken, vijf minuten maar.

#3 Minder scherm

Ik ben verslaafd aan mijn smartphone. Geen fijne vaststelling, maar de verslaving is duidelijk zichtbaar (sorry!), hardnekkig en met duidelijke effecten op mijn concentratie en rust-gevoel. Ik weet nog niet goed hoe ik dit puntje moet aanpakken. Facebook bannen? 4G op mijn telefoon standaard uitzetten? Of mezelf een limiet opleggen? Ik installeerde ter voorbereiding een app die mijn smartphone-gebruik analyseert en de eerste cijfers zijn ontnuchterend. Het aantal gespendeerde uren is hoog en het aantal screen-unlocks gigantisch. En als Juno mijn telefoon ergens ziet liggen, komt ze die ongerust naar me brengen. Hier mama, en haar blik zegt: ik weet dat je niet zonder kan. Au.

#4 Geen leer

Het is eenvoudig, voor leer gaan dieren dood. Ik mag hopen dat het diezelfde dieren zijn die ook worden opgegeten of die melk geven, maar zeker ben ik niet. En ik wil niet verantwoordelijk zijn voor een dood dier en niet voor de impact op de wereld van het leven van dat dier.
Een kennis zei me eens: elke aankoop is een stem. Ik besef dat nu ten volle: door leren schoenen of handtassen te kopen, hou ik mee een systeem in gang. Een systeem dat zegt dat het ok is om dieren uit te buiten en ten dienste te stellen aan de mens. Een systeem dat onze wereld compleet uitput. En er zijn zo veel alternatieven tegenwoordig. De regel geldt voorlopig enkel voor mezelf, maatje 39 biedt oneindig veel (online) mogelijkheden. Wat van maat 48,5 en kindermaten niet noodzakelijk kan gezegd worden. En uiteraard ga ik mijn leren schoenen en handtassen niet buitengooien. Ik denk dat ik tweedehands ook nog wel ok vindt, trouwens.

--

Het gaat er dus allemaal om wat bewuster te leven, meer stil te staan bij de keuzes die ik maak.
Samen met wat kleine, gewone voornemens: terug meer lopen (wat een ellendige, donkere maand was december), minder snoepen (ik ga terug voor een strenge periode 5:2, daar moet ik misschien ook eens over bloggen) en nog meer plantaardig eten (waar het kan).
Ik moest trouwens heel hard lachen met dit stripje van 9 tot 5.


Nog mensen met voornemens voor 2018? 

vrijdag 29 december 2017

Juno spreekt (2)

30 maanden vrolijkheid. Ze kan al druk telefoneren, vertellen wat er op de crèche is gebeurd en met Oona en de popjes spelen. Dat is bijzonder fascinerend omdat Oona dat eigenlijk quasi nooit doet, met speelgoed spelen. Maar dat is voor een andere blogpost. Hier een kleine selectie van ons taterwater.
  • Wil je een hatje tekenen? (Juno houdt van kleuren. Maar eerst, een hartje.)
  • Kijk, een baby! (Nadat we eens een mandarijntje hadden met zo'n mini-beentje, zijn alle mandarijnen-beentjes baby's.)
  • Nuno vindt het moelek. (De opvolger van ga nie lukke! Jaja, het gaat snel.)
  • Wat is dat zo? (En dan komt ze aangetrippeld, nieuwsgierig naar wat je doet, in je handen hebt,...)
  • Wil je helpen appeplieft? (Ook aan Oona vraagt ze dit meestal zo mooi. Krak. Dat is mijn hart dan, in stukskes.)
  • Zo. Das beter. (Juno heeft zonet al het licht in de hotelkamer uitgeknipt terwijl we aan het eten zijn.)
  • Konkelnonas. (Nonkel Jonas. Ik heb haar al tien keer gevraagd van wie ze de step heeft gekregen om dit antwoord te krijgen.)
  • Kijk! Een stippetje! (Ik heb een dikke puist in mijn gezicht). 
  • Oh nee. Pakok. (Het is kapot.)
  • Konketuur. Of nee, pekulaaspasta. Of fadefia. (Moeilijke keuze bij de boterhammen.)
  • Mama? Mama? Mama! Praat maar! (Ik ben te lang stil blijkbaar. Huh?)





dinsdag 19 december 2017

Leena: een liefdesverhaal.

Leena kwam even aanwaaien op de laatste dag van papa, op die stormachtige dag, nu 1,5 jaar geleden. Sommige dingen van die dag zijn heel scherp, andere zijn vaag. Maar ik weet nog heel precies hoe Leena keek en wat ze deed. Ze gooide haar tas in hoek, liep naar papa zijn bed en gaf hem zonder aarzelen en met veel toewijding een kus op zijn hoofd. Leena is niet alleen een goede vriendin van mijn zus, Leena was ook een goede vriendin van papa geworden. Ze hadden een verhaal samen, zo maakte hij de foto's bij haar trouwfeest. Papa wou thuis sterven, maar sterven bij Leena, of toch bij verpleegkundige Leena op de afdeling palliatieve zorgen in het ziekenhuis, was een goed plan B. Ik ben dankbaar dat het plan A is geworden en dat Leena er toch bij was.
Ik was verbaasd, geraakt, ontroerd, compleet weggeblazen door de vanzelfsprekendheid van haar kus. Van haar liefde. Ik was zo blij dat ze er was. 

Het is avond, ik hang in de zetel, ik twijfel of ik ga schrijven of nog iets ga doen voor het werk. Ik stel de beslissing uit, surf wat op facebook. Ik dacht dat ik mijn ontroering van de dag wel had gehad door het bekijken van een paar emofilmpjes van de Warmste Week. Tot ik een link zie naar deze reportage

Bekijk de reportage

Ik bekijk het meteen en bedwing mijn tranen niet. 

Er gebeurt veel deze week, ik mis papa hevig. 

Maar dankzij Leena weet ik het weer. Liefde wint altijd. 








maandag 11 december 2017

Met papa in de sneeuw

Hij zou me bellen vanavond. Om te vragen of het gelukt is vandaag, met al die sneeuw. En hoe het is voor de meisjes, vinden ze het fijn of te koud? Hij zou zijn hoed dragen natuurlijk, en die lelijke warme laarzen.
Ik zou zeggen dat ik aan onze slee moest denken. Hoe die een roestig spoor trok door het witte zachte pak sneeuw. En dat ik daar sterke herinneringen aan heb, papa die niet met ons speelde, maar die ons wel vooruit trok in het eindeloze wit in het park. Ik kan het me plots zo moeilijk voorstellen: papa die rent en trekt? Wat ik wel zeker weet:, hoe hij even later zei tegen ons: luister, het is zo stil. En heel even zouden we luisteren naar die stilte.
Hij zou vragen hoe het nu met Michiel zijn oma gaat. Niet goed nee, maar wat is niet goed na een rijk en lang leven? Sterkte zou hij zeggen, doe ze de groeten daar allemaal.
We zouden allebei denken aan moemoe. Nu pas kan ik me iets voorstellen hoe het verlies voor hem moet zijn geweest. Zijn vader, vava, veel te vroeg verloren, het eerste kleinkind, mijn zus, nog maar net geboren. Zijn moeder, moemoe, met zo veel verdriet, de laatste maanden staarde ze voor zich uit alsof ze aan het wachten was, om zich dan in die laatste uren vast te klampen aan het leven. Ik denk aan haar handen met die lange vingers, en hoe de zijne, weliswaar heel wat groter, zo hard op de hare leken toen ze stierf.

Ik haal Oona van de chiro, ze vertelt over de spelletjes die ik vroeger ook speelde. Over omgekeerde jagersbal, rollend tapijt, en iets met een blinddoek dat ik niet helemaal begrijp. Ik bedenk dat ik wafels had moeten maken zoals papa vroeger. Ik zie de grote beslagkom voor mij op de verwarming, het gistdeeg lauw en plakkerig en klaar voor het hete ijzer. En dat metalen ding voor bloemsuiker, je moet knijpen en het sneeuwt op je bord. Ik heb er later ook zo eentje gekocht en nog maar een keer gebruikt. Ik betaalde voor de herinnering.

Ik weet eigenlijk niet zeker of het wel papa was die de wafels maakte, dat kon ook mama zijn geweest. Ik twijfel ook aan die handen, ik wil misschien gewoon graag dat ze op die van moemoe leken, zoals een lijn die ik zelf teken en verder niet bestaat.

Ik doe het vaak: bedenken wat hij nu zou zeggen en daar dan antwoord op geven. Stilletjes in mijn hoofd. Maar buiten het verdriet - hij is er niet, hij is niet - vind ik ook troost: hij hoeft hier niet te zijn om bij mij te zijn.

Dat van die slee, zo zeker ben ik dus niet, dat gebeurt er met herinneringen. Ik kleur ze in met wat ik nu weet, met wat ik nu voel.
Dat is niet erg, je houdt het niet tegen.
Dat is niet erg, het is met liefde.
We zitten op een slee, papa trekt ons voort, we roepen 'sneller, sneller', hij gaat sneller en daarna eten we wafels.

vrijdag 1 december 2017

Het waait taal.

Er is zoveel taal in ons huis. Het zijn geen woorden, geen zinnen, geen letters. Het is de taal zelf die als een briesje door ons huis waait. Een briesje dat me verrast doet opkijken.

Ik kijk naar dat jongste meisje. Omdat ik een zin van wel zes woorden heb gehoord. Omdat ik wil zien hoe ze triomfantelijk naar me kijkt omdat ze zonet das ni de betoeling heeft gezegd. Ze begrijpt nu niet alleen de woorden, ze begrijpt ook wat woorden kunnen doen. Gretig zoekt ze uit met welke woorden ze wat kan bereiken. En welke toon er nodig is. Ze wil haar laarsjes aan en voegt dan nog toe: zeker, mama. Ze spreekt in foute voltooide deelwoorden, in de cèche een liedje gezingt, ze vraagt zo lief een botam met konketuur appeplief. Ze hoort ABC, ze zegt aa pee see. 
We lezen boekjes, wel vijf per dag.  Het gaat niet meer over het aanwijzen van een vos of een opant of om het omdraaien van de bladzijden. Het gaat om wat ik vertel, plots is er ook voor haar een verhaal. Bijna kan ik zien hoe ze haar oortjes spitst.

Ik kijk naar dat oudste meisje. Ze leest. Het is een wonder. Het is helemaal niet uniek of bijzonder, maar het ís een wonder. Haar geconcentreerde blik, het vingertje, haar mondje dat de letters vormt, haar stemmetje dat volgt, en hoe ik haar zie denken, hoe ze de woorden maakt in haar hoofd, hoe ze de letters en de dingen met elkaar verbindt. Ze is zo mooi.
Kaas. Ze las het op het marktkraam, nu al weer twee maanden geleden. Ik keek haar aan: ze keek zo blij. En verwachtingsvol. We dachten hetzelfde: ze kan lezen, het kan beginnen, het is begonnen.

Soms kijken Michiel en ik elkaar aan, dan is er weer iets gezegd, dan is er weer iets gelezen. Dan waait de taal in ons huis, mijn hart dartelt mee.